Op deze pagina
- Leefde
- Ongeveer 469 tot 399 voor Christus
- Stad
- Athene, uit de deme Alopeke
- Ouders
- Sophroniskos, steenbewerker, en Phainarete, verloskundige
- Gezin
- Xanthippe; drie zonen: Lamprokles, Sophroniskos en Menexenos
- Eigen geschriften
- Geen; er is geen tekst van zijn hand bewaard
- Bekendste leerling
- Plato, die de dialogen pas na zijn dood schreef
- Aanklacht
- De goden van de stad niet erkennen, nieuwe goden invoeren, de jeugd verderven
- Vonnis
- Doodstraf door de gifbeker, uitgevoerd in 399 voor Christus
- Militaire dienst
- Hopliet bij Potidaea, Delion en Amphipolis
Wie Socrates was en waarom we hem alleen via anderen kennen
Socrates (ongeveer 469 tot 399 voor Christus) was een burger van Athene die zijn dagen op het marktplein doorbracht met vragen stellen. Hij is een van de bekendste namen uit de Griekse geschiedenis, maar van hemzelf is geen woord bewaard: hij schreef nooit iets op. Elke zin die je van hem leest is door iemand anders opgeschreven, meestal jaren na zijn dood.
Zijn vader Sophroniskos was steenbewerker, zijn moeder Phainarete verloskundige. Hij erfde genoeg om niet van een ambacht te hoeven leven, maar rijk was hij niet. Hij was getrouwd met Xanthippe en had drie zonen; over een mogelijk tweede huwelijk spreken de antieke berichten elkaar tegen.
Hij vocht als hopliet, zwaarbewapend infanterist, mee in de Peloponnesische Oorlog: bij Potidaea in 432, Delion in 424 en Amphipolis in 422 voor Christus. Die plaatsen liggen ver uiteen, van Chalkidiki tot Boeotië; je vindt ze terug op de kaart van Griekenland. Athene verloor twee van die drie slagen.
| Bron | Wanneer | Welke Socrates | Waar je op let |
|---|---|---|---|
| Aristophanes, De Wolken | 423 voor Christus, tijdens zijn leven | Een sofist die natuurfilosofie en drogredenen onderwijst | Komedie en karikatuur; Socrates noemt de schade aan zijn naam zelf (Apologie 18a en 19c) |
| Plato, de dialogen | Na 399 voor Christus | Een denker die naar definities zoekt en zijn eigen onwetendheid toegeeft | In de latere dialogen spreekt Plato's eigen filosofie door de mond van Socrates |
| Xenophon, onder meer Memorabilia | Vierde eeuw voor Christus | Een nuchtere raadgever over zelfbeheersing en plichten | Xenophon woonde buiten Athene en verliet Griekenland in 401 voor Christus |
| Aristoteles, onder meer de Metafysica | Vierde eeuw voor Christus | Een denker die de wat-is-het-vraag stelde en zich tot de ethiek beperkte | Geboren vijftien jaar na de dood van Socrates; kent hem uit de Academie |
Bron: Socrates, Internet Encyclopedia of Philosophy
Vier bronnen die elkaar tegenspreken
Omdat eigen teksten ontbreken, is de vraag welke Socrates de historische is zelf een onderwerp van onderzoek geworden. Sinds Friedrich Schleiermacher die vraag begin negentiende eeuw scherp stelde, heet ze het socratische probleem. Neem het orakel van Delphi, het verhaal waarmee Socrates zijn levenswerk verklaart. Bij Plato vraagt zijn vriend Chairephon of iemand wijzer is dan Socrates, en antwoordt het orakel nee (Apologie 21a). Bij Xenophon zegt Apollo iets anders: geen mens is vrijer, rechtvaardiger of beheerster (Apologie 14). Bij Plato gaat het antwoord over wat Socrates weet, bij Xenophon over hoe hij leeft.
Die teksten bereikten ons via Grieks sprekende kopiisten: van Plato zijn ongeveer 250 byzantijnse handschriften bewaard, en de studie van zijn werk liep in het Byzantijnse Rijk door toen West-Europa de dialogen niet meer kende.
Ik weet dat ik niets weet: wat hij werkelijk zei
De bekendste uitspraak van Socrates heeft hij in die vorm nooit gedaan. Ik weet dat ik niets weet komt bij Plato nergens zo voor. De Griekse versie die rondgaat, ἓν οἶδα ὅτι οὐδὲν οἶδα (hen oida hoti ouden oida), en het Latijnse scio me nihil scire zijn latere formuleringen.
Wat er wel staat, is preciezer. Socrates vergelijkt zich met iemand die voor wijs doorgaat en stelt vast dat hij op één klein punt wijzer is: ἃ μὴ οἶδα οὐδὲ οἴομαι εἰδέναι, wat ik niet weet, denk ik ook niet te weten (Apologie 21d). Dat is geen twijfel aan alle kennis, maar een uitspraak over zelfkennis. Even verderop zegt dezelfde Socrates juist dat hij één ding zeker weet, namelijk dat onrecht doen slecht is, en dat hij daarvoor wil sterven (Apologie 29b).
Dat verschil is niet klein. In de populaire versie is Socrates een scepticus die niets meer hoeft te onderzoeken. In de Apologie is hij iemand die blijft doorvragen, juist omdat hij weet dat hij er nog niet is.
Zo verliep een socratisch gesprek
De methode heet in het Grieks ἔλεγχος (elenchos), toetsing of weerlegging. Socrates begint met een vraag van het type τί ἐστι (ti esti), wat is het: wat is vroomheid, wat is moed. De gesprekspartner geeft een definitie, Socrates stelt vervolgvragen en laat zien dat die definitie botst met wat de ander zelf ook gelooft. Deze woorden zijn klassiek Grieks. Het moderne Grieks dat je nu in Griekenland hoort, staat bij de Griekse woorden en zinnen van alledag.
Het gesprek eindigt meestal zonder antwoord. Die toestand heet ἀπορία (aporia), geen uitweg hebben, en is geen mislukking maar de opbrengst: de ander weet nu dat hij het niet weet. Socrates noemt zichzelf daarbij een verloskundige van gedachten, het beroep van zijn moeder (Theaetetus 150b tot 151b). Voor zijn stad had hij een hardere vergelijking: de steekvlieg bij een groot en goed gefokt paard dat door zijn eigen omvang traag is geworden (Apologie 30e).
Het proces van 399 voor Christus
De aanklacht die Diogenes Laertius overlevert, luidt dat Socrates misdadig handelt door de goden die de stad erkent niet te erkennen, door nieuwe goden in te voeren en door de jeugd te verderven. De juridische term was ἀσέβεια (asebeia), goddeloosheid, en die ging in Athene minder over wat je dacht dan over wat je deed. Die stadsgoden waren zichtbaar aanwezig: het Erechtheion op de Akropolis, gebouwd tussen 421 en 406 voor Christus, dus tijdens zijn leven, huisvestte de gezamenlijke cultus van Athena en Poseidon. De nieuwe god was zijn δαιμόνιον (daimonion), een persoonlijk goddelijk teken dat hem van bepaalde dingen weerhield (Apologie 31c en 40a).
Daar kwam de politiek bij. Athene had in 404 voor Christus de oorlog tegen Sparta verloren, waarna de Dertig Tirannen onder Kritias naar schatting vijf procent van de bevolking lieten doden. Kritias en Alkibiades hadden in Socrates' kring verkeerd, maar de amnestie van 403 voor Christus verbood vervolging voor politieke daden van daarvoor. Een aanklacht over de goden bleef wel mogelijk. Het proces hoort daarmee bij de bekendste rechtszaken uit het oude Griekenland.
De jury bestond vermoedelijk uit 501 burgers, al noemt geen antieke bron dat aantal. Plato laat Socrates zeggen dat dertig andere stemmen hem hadden vrijgepleit (Apologie 36a), waaruit doorgaans een uitslag van ongeveer 280 tegen 221 wordt gereconstrueerd. In de strafmaatronde stelde hij eerst spottend voor dat de stad hem maaltijden in het Prytaneion zou aanbieden. Daarna bood hij een boete van honderd drachmen, en vrienden, onder wie Plato, kwamen op dertig mina. De jury koos de doodstraf, met een grotere meerderheid dan bij de schuldvraag.
De laatste woorden van Socrates
Tussen vonnis en uitvoering lag ongeveer een maand, om een religieuze reden: Athene had een schip naar Delos gestuurd voor een oude gelofte aan Apollo, en zolang die missie duurde moest de stad rein blijven en mocht niemand ter dood worden gebracht (Phaedo 58a tot 58c). Een ontsnappingsplan van vrienden wees Socrates in die weken af.
Wie het sterfbed beschrijft, doet hier ter zake. De Phaedo somt de aanwezigen op en zegt over Plato zelf: Plato, geloof ik, was ziek (Phaedo 59b). De bekendste weergave van die dag komt dus van iemand die er volgens zijn eigen tekst niet bij was.
In die weergave drinkt Socrates het gif, loopt rond tot zijn benen zwaar worden, gaat liggen en voelt de kou van zijn voeten omhoog kruipen. Zijn laatste woorden zijn een opdracht aan een vriend: Kriton, we zijn Asklepios een haan schuldig; betaal die en verzuim het niet (Phaedo 118a). Asklepios was de god van de genezing. Plato legt niet uit wat die opdracht betekent, en lezers zoeken er sinds de oudheid zelf een betekenis in: een dankoffer omdat de dood een genezing van het leven zou zijn, of een schuld die nog openstond. Welke uitleg de juiste is, laat de Phaedo open.
Over sterven had hij in de rechtszaal al iets gezegd. Als de dood een reis is naar een plaats waar je Orpheus, Hesiodos en Homerus kunt ontmoeten, dan wil hij wel vele malen sterven (Apologie 40e tot 41a).
Wie de leerlingen van Socrates waren
De bekendste leerling van Socrates is Plato, en de dialogen waarin hij optreedt zijn ook de reden dat we hem kennen. Socrates zelf wees de rol van leraar af: hij zei geen onderwijs te geven en nam er geen geld voor aan, anders dan de sofisten die in Athene tegen betaling lesgaven. Hij had een kring van jonge Atheners die zijn manier van vragen overnamen, en daaruit kwam niet één school maar een reeks die elkaar tegenspreekt. Hoe die denkers op elkaar volgen, staat bij de Griekse filosofen.
Via de Academie van Plato loopt er een lijn naar Aristoteles. Hij kwam rond 367 voor Christus naar de Academie en bleef tot Plato's dood in 347. In 343 voor Christus ging hij naar Pella om de dertienjarige zoon van koning Philippos te onderwijzen, de latere Alexander de Grote. Van het marktplein in Athene naar de man die het Perzische Rijk veroverde zijn het dus twee schakels.
| Naam | Wat hij naliet | Waar dat op uitliep |
|---|---|---|
| Plato | De dialogen met Socrates als hoofdpersoon | De Academie in Athene; vrijwel al onze kennis van Socrates |
| Xenophon | Memorabilia, Symposium en een eigen Apologie | Het nuchtere, praktische beeld van Socrates |
| Antisthenes | Geschriften, grotendeels verloren | Wordt als voorloper van de cynici gezien |
| Aristippos | Geschriften, verloren | De school van Cyrene |
| Eukleides van Megara | Niets bewaard | De school van Megara |
| Alkibiades en Kritias | Een politieke loopbaan | Belastten in 399 voor Christus de naam van hun leermeester |
| Chairephon | De vraag aan het orakel van Delphi | Het verhaal waarmee Socrates zijn levenswerk verklaarde |
Bron: Socrates, Engelse Wikipedia
Welke uitspraken echt van Socrates komen
Zoek je op Socrates uitspraken of op Socrates quotes in het Nederlands, dan krijg je lijstjes waarin echte en toegeschreven regels door elkaar staan. Drie vragen helpen om ze uit elkaar te houden: in welke antieke tekst staat de regel, bij welk nummer, en wie spreekt daar. Ontbreekt die vindplaats, dan is de uitspraak niet te controleren.
Twee bekende uitspraken kun je terugzoeken. Wat ik niet weet, denk ik ook niet te weten staat in Apologie 21d. Een leven zonder zelfonderzoek is niet waard om geleefd te worden staat in Apologie 38a, gezegd nadat de jury hem al schuldig had verklaard. Bij beide hoort hetzelfde voorbehoud: het is Plato's formulering, geen verslag van de zitting.
Een groot deel van de rondgaande regels komt ergens anders vandaan. Ken jezelf stond bij het orakel van Delphi en wordt aan de Zeven Wijzen toegeschreven; die spreuk is ouder dan Socrates, hij gebruikte haar en bedacht haar niet. Onderwijs is het aansteken van een vlam komt uit Plutarchus, die over de geest schreef en niet over onderwijs. De klacht dat de kinderen van nu van luxe houden en geen respect meer hebben voor ouderen, komt uit Schools of Hellas van Kenneth John Freeman uit 1907. En het geheim van verandering is al je energie richten op het nieuwe komt van een romanfiguur die Socrates heet, uit Way of the Peaceful Warrior van Dan Millman.
Dat komt deels doordat Socrates zelf niets schreef: er is geen eigen tekst waarmee je een toeschrijving kunt weerleggen. Bij bekende namen uit de Griekse cultuur gaan daarom meer uitspraken rond dan in de bronnen terug te vinden zijn.
Veelgestelde vragen
Heeft Socrates echt nooit iets opgeschreven?
Van zijn hand is niets bewaard en geen antieke bron schrijft hem een boek toe. Eén uitzondering noemt Plato: in de gevangenis zou Socrates een hymne op Apollo hebben gemaakt en fabels van Aesopus op metrum hebben gezet, omdat een terugkerende droom hem opdroeg muziek te maken (Phaedo 60c tot 61b). Ook die verzen zijn niet overgeleverd.
Wat is het verschil tussen de Socrates van Plato en de historische Socrates?
In de vroege dialogen stelt Socrates vooral vragen en komt het gesprek niet tot een definitie. In later werk, zoals de Staat, verkondigt dezelfde figuur uitgewerkte leerstellingen over de ziel en de ideale stad. Onderzoekers lezen dat verschil doorgaans als Plato's eigen filosofie, in de mond gelegd van zijn leermeester. Een regel uit een late dialoog is daarom zwakker bewijs voor de historische Socrates dan een regel uit de Apologie.
Is er in Griekenland nog iets van Socrates te zien?
Een graf of huis van Socrates is niet bekend. Wel is de plek te bezoeken waar hij zijn dagen doorbracht: de Agora van Athene, het marktplein onder de Akropolis. Bij het Academiegebouw in het centrum van Athene zitten marmeren beelden van Plato en Socrates, gemaakt door de Italiaanse beeldhouwer Piccarelli. Dat gebouw werd in 1885 voltooid: een negentiende-eeuws eerbetoon, geen antiek overblijfsel.
Bronnen
- Socrates, Stanford Encyclopedia of Philosophy · De jaartallen, de ouders Sophroniskos en Phainarete, de deme Alopeke, de erfenis en het gebrek aan geld voor een boete, de dienst als hopliet bij Potidaea in 432, Delion in 424 en Amphipolis in 422 voor Christus, de drie hoofdbronnen met De Wolken uit 423 voor Christus, de aanklacht wegens asebeia door Meletos, de strafmaatronde en de gifbeker, het orakelverhaal met Chairephon en het afwijzen van de rol van leraar · geraadpleegd 3 oktober 2026
- Socrates, Internet Encyclopedia of Philosophy · Het socratische probleem en de rol van Schleiermacher, de vier bronnen met hun beperkingen (Xenophon buiten Athene en vanaf 401 voor Christus weg, Aristoteles vijftien jaar na de dood geboren, de wat-is-het-vraag uit Metafysica I.6), de letterlijke aanklacht bij Diogenes Laertius, de Dertig Tirannen onder Kritias en de amnestie van 403 voor Christus, het daimonion in Apologie 31c en 40a, elenchos en aporia, en de verloskundige uit Theaetetus 150b tot 151b · geraadpleegd 3 oktober 2026
- Plato, Apologie, vertaling Fowler (Perseus Digital Library) · De geciteerde passages: wat ik niet weet denk ik ook niet te weten (21d), de steekvlieg bij het grote trage paard (30e), het leven zonder zelfonderzoek (38a) en de ontmoeting met Orpheus, Hesiodos en Homerus na de dood (40e tot 41a) · geraadpleegd 3 oktober 2026
- Plato, Phaedo, vertaling Fowler (Perseus Digital Library) · Het uitstel door het schip naar Delos en de eis dat de stad rein bleef (58a tot 58c), de aanwezigen bij het sterfbed met de opmerking dat Plato ziek was (59b), de hymne op Apollo en de fabels van Aesopus in de gevangenis (60c tot 61b), de kou die van de voeten omhoog kruipt en de laatste woorden over de haan voor Asklepios (118a) · geraadpleegd 3 oktober 2026
- Xenophon, Apologie van Socrates (Perseus Digital Library) · De afwijkende orakelspreuk bij Xenophon: geen mens is vrijer, rechtvaardiger of beheerster dan Socrates (sectie 14) · geraadpleegd 3 oktober 2026
- I know that I know nothing, Engelse Wikipedia · Bevestigt dat de uitspraak in die vorm nergens bij Plato voorkomt, en de latere formuleringen hen oida hoti ouden oida en scio me nihil scire · geraadpleegd 3 oktober 2026
- Trial of Socrates, Engelse Wikipedia · De aanklagers Meletos, Lykon en Anytos, de jury van vermoedelijk 501 burgers zonder antieke vermelding van dat aantal, de reconstructie van ongeveer 280 tegen 221 op basis van Apologie 36a, het voorstel van de maaltijden in het Prytaneion, de honderd drachmen en de dertig mina van vrienden, en de schatting dat de Dertig Tirannen vijf procent van de bevolking lieten doden · geraadpleegd 3 oktober 2026
- Socrates, Engelse Wikipedia · Het gezin met Xanthippe en de drie zonen, de tegenstrijdige berichten over een tweede huwelijk, het afwijzen van het ontsnappingsplan in Kriton, en de scholen die uit de kring voortkwamen: Antisthenes en de cynici, Aristippos en Cyrene, Eukleides en Megara, Plato en de Academie · geraadpleegd 3 oktober 2026
- Socrates, Wikiquote · De toeschrijvingen die niet van Socrates komen: ken jezelf als spreuk van Delphi en de Zeven Wijzen, onderwijs als het aansteken van een vlam uit Plutarchus, de klacht over de kinderen van nu uit Schools of Hellas van Kenneth John Freeman uit 1907 en het geheim van verandering uit Way of the Peaceful Warrior van Dan Millman · geraadpleegd 3 oktober 2026
- Aristotle, Stanford Encyclopedia of Philosophy · Bevestigt dat Aristoteles rond 367 voor Christus naar de Academie kwam, daar bleef tot Plato's dood in 347 en in 343 voor Christus naar Pella ging om de dertienjarige Alexander te onderwijzen · geraadpleegd 3 oktober 2026
- Erechtheion, Engelse Wikipedia · De gezamenlijke cultus van Athena en Poseidon-Erechtheus op de Akropolis en de bouw tussen 421 en 406 voor Christus · geraadpleegd 3 oktober 2026
- Plato, Engelse Wikipedia · Bevestigt dat ongeveer 250 byzantijnse handschriften van Plato bewaard zijn en dat de studie van zijn werk in het Byzantijnse Rijk doorliep · geraadpleegd 3 oktober 2026
- Academy of Athens, Engelse Wikipedia · De marmeren zittende beelden van Plato en Socrates van de Italiaanse beeldhouwer Piccarelli en de voltooiing van het gebouw in 1885 · geraadpleegd 3 oktober 2026