Op deze pagina
- Leefde
- 384 tot 322 voor Christus
- Geboorteplaats
- Stageira, in Macedonië
- Vader
- Nikomachos, lijfarts van de Macedonische koning Amyntas
- Opleiding
- Plato's Academie in Athene, vanaf zijn zeventiende, twintig jaar
- Eigen school
- Het Lyceum in Athene, vanaf 335 voor Christus
- Bewaard werk
- 31 verhandelingen van naar schatting tweehonderd
- Gezin
- Een dochter bij Pythias, een zoon Nikomachos bij Herpyllis
- Gestorven
- In Chalkis op Euboia, 322 voor Christus
Wie was Aristoteles?
Aristoteles werd in 384 voor Christus geboren in Stageira, aan de noordkust van de Egeïsche Zee. Zijn vader Nikomachos was lijfarts van de Macedonische koning Amyntas. Hij groeide dus op aan de rand van de Griekse wereld, ver van Athene; de grote lijn van die periode staat bij de geschiedenis van Griekenland.
Op zijn zeventiende ging hij naar de Academie van Plato in Athene, waar hij ongeveer twintig jaar bleef, tot Plato's dood in 347 voor Christus. Hij kende de argumenten van zijn leermeester dus van binnenuit. Hoe de lijn van Socrates, die zelf niets opschreef, via Plato naar Aristoteles loopt, staat bij de Griekse filosofen.
Daarna woonde hij een paar jaar in Assos in Klein-Azië en twee jaar op Lesbos, waar hij planten en dieren bekeek en beschreef. Zo werkte hij later ook: eerst waarnemingen verzamelen, dan verklaren.
Wat is er van zijn werk bewaard?
Van de ongeveer tweehonderd werken op zijn naam zijn er eenendertig over. Antieke lezers roemden vooral zijn dialogen, die hij in zijn Academietijd voor publicatie schreef; juist die zijn verdwenen. Bewaard bleven de verhandelingen voor zijn eigen onderwijs: aantekeningen, opgezet en later herzien, met herhalingen en losse einden.
Dat verklaart iets wat veel lezers verrast. Wie de Ethica Nicomachea, de Politica, de Poetica of de Metafysica openslaat, verwacht de sierlijke stijl waar de oudheid over sprak en vindt droog, samengeperst proza. Dat komt door het soort tekst: het is lesmateriaal, geen boek dat hij zelf publiceerde.
Verwijzingen naar zijn werk zien er niet uit als bladzijnummers maar als codes zoals 1094a. Dat zijn de Bekker-nummers, uit de Berlijnse uitgave van 1831 tot 1836. Zo'n code wijst naar een exacte plaats in de Griekse tekst en niet naar een vertaling.
Waarin verschilde hij van Plato?
Aristoteles verwierp Plato's ideeënleer: er bestaat volgens hem geen afzonderlijke wereld van volmaakte vormen waarvan de dingen om ons heen afschaduwingen zijn. Hij begint ook ergens anders. Eerst zet hij de phainomena op een rij, wat zich voordoet, en de endoxa, wat verstandige mensen erover zeggen, en daarna vraagt hij hoe dat kan.
Uit die aanpak komt zijn bekendste gereedschap: vier soorten oorzaken bij elke verandering. Bij een beeld zijn dat het marmer, de gestalte, de beeldhouwer en het doel ervan, en pas met alle vier is de uitleg rond. In de ethiek werkt hij even praktisch: een deugd is een midden tussen twee uitersten, moed tussen lafheid en overmoed.
Doordat hij zo naar het concrete kijkt, is hij ook een bron over zijn eigen tijd. Zijn oordelen over de inrichting van Sparta komen van een tijdgenoot met een standpunt, en in de Poetica leest hij de epen van Homerus als iemand die uitlegt waarom een verhaal werkt.
Leraar van Alexander, daarna schoolhoofd in Athene
In 343 voor Christus vroeg Philippos van Macedonië hem zijn dertienjarige zoon te onderwijzen. Hoe lang die lessen duurden, is onzeker, en wat Alexander de Grote er later mee deed, valt uit de bronnen niet af te leiden.
In 335 voor Christus was hij terug in Athene, met een eigen school op een openbaar sportterrein gewijd aan Apollo Lykeios. Daar komt de naam Lyceum vandaan; zijn leerlingen heetten de peripatetici. Toen Alexander in 323 voor Christus stierf en de stemming in de steden van het oude Griekenland tegen alles wat Macedonisch was keerde, verliet hij de stad. Hij stierf een jaar later in Chalkis op Euboia.
Dat zijn teksten er nog zijn, is het werk van generaties kopiisten en commentatoren in het Grieks, Syrisch, Arabisch en Latijn. Meer van zulke lijnen door de eeuwen staat in de rubriek cultuur.
Veelgestelde vragen
Was Aristoteles echt de leraar van Alexander de Grote?
Ja, de aanstelling staat vast: Philippos van Macedonië haalde hem in 343 voor Christus naar het hof om zijn dertienjarige zoon te onderwijzen. Hoe lang en hoe intensief is onzeker; de voorzichtigste lezing van de bronnen komt op twee of drie jaar uit, andere reconstructies op acht. Wat Alexander van die lessen meenam, is niet te bewijzen.
Welke werken van Aristoteles kun je vandaag nog lezen?
Eenendertig verhandelingen, waaronder de Ethica Nicomachea over het goede leven, de Politica over staatsvormen, de Poetica over tragedie en epos, de Metafysica over wat er in de grond bestaat, en de logische werken die samen als het Organon bekendstaan. Reken erop dat je lesmateriaal leest: korte verwijzingen, weinig uitleg vooraf, en af en toe een gedachtegang die halverwege van richting verandert.
Bronnen
- Aristotle, Stanford Encyclopedia of Philosophy · De jaartallen, Stageira, de twintig jaar aan de Academie, Assos en Lesbos, Alexander vanaf 343 met de onzekere duur, het Lyceum in 335 bij het terrein van Apollo Lykeios, de dood in Chalkis, de verhouding tussen de verloren dialogen en de bewaarde collegeaantekeningen, en de afwijzing van de ideeënleer met phainomena en endoxa als beginpunt · geraadpleegd 4 oktober 2026
- Aristotle, Internet Encyclopedia of Philosophy · Vader Nikomachos als lijfarts van Amyntas, de leeftijd van zeventien, de peripatetici, eenendertig van tweehonderd werken, de titels en het Organon, de Bekker-nummering uit de Berlijnse editie van 1831 tot 1836, de vier oorzaken en het midden tussen uitersten, en het gezin met Pythias en Herpyllis · geraadpleegd 4 oktober 2026